Verkeersongevallen

Aansprakelijkheid van openbaarvervoerbedrijven

Bijgewerkt: 23 oktober 2026

Een bus die plotseling hard remt, een valpartij in de tram of een ongeluk met de metro: ook tijdens een reis met het openbaar vervoer kunt u letselschade oplopen. Wanneer u als passagier gewond raakt, kan het openbaarvervoerbedrijf aansprakelijk zijn voor de gevolgen. Daarvoor hoeft de chauffeur niet altijd een aantoonbare verkeersfout te hebben gemaakt.

Voor vervoerders zoals GVB, NS, RET en HTM gelden bijzondere aansprakelijkheidsregels. Deze regels beschermen reizigers die tijdens het vervoer letsel oplopen. Of u daadwerkelijk recht heeft op schadevergoeding, hangt af van de omstandigheden van het ongeval en de toepasselijke wetgeving.

Wanneer is een openbaarvervoerbedrijf aansprakelijk?

De aansprakelijkheid van vervoerders voor letsel van reizigers is geregeld in Boek 8 van het Burgerlijk Wetboek. Voor vervoer over de weg en voor bepaalde vormen van spoorvervoer is artikel 8:105 BW van belang.

Volgens deze bepaling is een vervoerder in beginsel aansprakelijk voor schade door overlijden of letsel van een reiziger als gevolg van een ongeval dat tijdens en in verband met het vervoer heeft plaatsgevonden.

Dat betekent dat een vervoerder ook aansprakelijk kan zijn wanneer niet direct vaststaat dat de bestuurder een fout heeft gemaakt. Wel kan de vervoerder zich onder bepaalde voorwaarden op een wettelijke uitzondering beroepen.

Bij openbaar vervoer over het spoor kunnen daarnaast specifieke wettelijke regelingen van toepassing zijn. De precieze grondslag van aansprakelijkheid hangt daarom mede af van het vervoermiddel en de omstandigheden.

Letselschade door een plotseling remmende bus of tram

Een harde remactie kan grote gevolgen hebben voor passagiers. Vooral reizigers die staan, net zijn ingestapt of zich door het voertuig verplaatsen, kunnen hun evenwicht verliezen.

Veelvoorkomende situaties zijn:

  • Een passagier valt wanneer de bus plotseling remt.
  • Iemand raakt gewond doordat een tram onverwacht tot stilstand komt.
  • Een reiziger valt bij het optrekken van een bus.
  • Een passagier komt ten val bij een botsing met een ander voertuig.
  • Iemand raakt gewond doordat een deur of ander onderdeel van het vervoermiddel niet goed functioneert.

Bij dergelijke ongevallen moet worden onderzocht of het letsel tijdens en in verband met het vervoer is ontstaan en welke aansprakelijkheidsregels van toepassing zijn.

Niet iedere remactie of valpartij leidt automatisch tot een schadevergoeding. De vervoerder kan bijvoorbeeld aanvoeren dat het ongeval door omstandigheden is veroorzaakt die een zorgvuldig vervoerder niet had kunnen vermijden en waarvan hij de gevolgen niet had kunnen verhinderen.

GVB aansprakelijk stellen na een ongeval

Wie in Amsterdam letsel oploopt tijdens een rit met het GVB, kan onder omstandigheden aanspraak maken op schadevergoeding. Dat geldt bijvoorbeeld wanneer u gewond raakt in een GVB-bus, tram of metro.

Bij het aansprakelijk stellen van GVB is het belangrijk om zo concreet mogelijk vast te leggen wat er is gebeurd. Noteer bij voorkeur de datum, het tijdstip, de lijn, de rijrichting en de halte of locatie van het ongeval.

Beschrijf daarnaast wat de directe oorzaak van het letsel was. Ging het om een plotselinge remactie, een botsing of een valpartij bij het in- of uitstappen? Ook de aanwezigheid van getuigen en eventuele camerabeelden kunnen belangrijk zijn.

Wanneer sprake is van letsel, kan een schriftelijke aansprakelijkstelling worden ingediend bij de verantwoordelijke vervoerder. Daarin worden de omstandigheden beschreven en wordt duidelijk gemaakt welke schade is ontstaan.

De vervoerder of diens verzekeraar zal vervolgens de aansprakelijkheid en het verband tussen het ongeval en de gestelde schade beoordelen.

Praktisch: schade claimen bij GVB

Heeft u letsel opgelopen tijdens een rit met een GVB-bus, tram of metro? Dan zijn deze stappen belangrijk:

  1. Meld het ongeval. Geef het incident door aan de vervoerder en vraag indien mogelijk om een bevestiging of registratienummer.
  2. Leg de ritgegevens vast. Noteer lijnnummer, tijdstip, halte, locatie en eventuele getuigen.
  3. Laat uw letsel beoordelen. Raadpleeg bij klachten een arts en bewaar relevante medische documenten.
  4. Vraag om behoud van camerabeelden. Doe dit zo snel mogelijk, omdat camerabeelden niet onbeperkt bewaard worden.
  5. Laat de aansprakelijkheid beoordelen. Met de beschikbare informatie kan worden vastgesteld welke juridische mogelijkheden bestaan.

Bewaar ook eventuele vervoersbewijzen, reisgegevens, bonnetjes en correspondentie met de vervoerder.

Schadevergoeding claimen bij GVB

Wanneer GVB aansprakelijk is voor uw letselschade, kan een schadevergoeding worden gevorderd. Welke schade voor vergoeding in aanmerking komt, is afhankelijk van de gevolgen van het ongeval.

Een reiziger die door een valpartij tijdelijk niet kan werken, kan bijvoorbeeld inkomensverlies lijden. Ook kunnen medische kosten ontstaan of kan hulp in het huishouden noodzakelijk worden.

Een schadeclaim kan onder meer betrekking hebben op:

  • Medische kosten: behandelingen, eigen risico en andere noodzakelijke zorgkosten die niet elders worden vergoed.
  • Inkomensverlies: gemiste inkomsten als gevolg van tijdelijke of blijvende arbeidsongeschiktheid.
  • Huishoudelijke hulp: noodzakelijke ondersteuning bij werkzaamheden die door het letsel niet meer zelfstandig uitgevoerd kunnen worden.
  • Reiskosten: vervoer naar artsen, ziekenhuizen en behandelaars.
  • Smartengeld: vergoeding voor pijn, verdriet en verminderd levensplezier.
  • Toekomstige schade: financiële gevolgen van langdurige of blijvende beperkingen.

Bij het bepalen van de vergoeding wordt ook rekening gehouden met eventuele wettelijke aansprakelijkheidsgrenzen en andere omstandigheden die voor de schadeafwikkeling relevant zijn.

Wat als GVB de aansprakelijkheid afwijst?

Een vervoerder kan aansprakelijkheid afwijzen wanneer hij meent dat het ongeval niet onder zijn verantwoordelijkheid valt. Bijvoorbeeld omdat een andere verkeersdeelnemer het ongeval heeft veroorzaakt, de reiziger zelf onvoorzichtig handelde of sprake zou zijn van een niet te vermijden gebeurtenis.

Een dergelijke afwijzing betekent niet automatisch dat er geen recht op schadevergoeding bestaat.

Volgens artikel 8:105 BW kan een vervoerder zich niet zonder meer aan aansprakelijkheid onttrekken door te stellen dat een ongeval onvermijdelijk was. Daarbij moet worden beoordeeld of een zorgvuldig vervoerder het ongeval en de gevolgen redelijkerwijs had kunnen voorkomen.

Ook wanneer een derde partij het ongeval heeft veroorzaakt, kan het nodig zijn om de aansprakelijkheid van de vervoerder nader te onderzoeken.

Wie is aansprakelijk bij een ongeval met NS, RET of HTM?

De wettelijke bescherming van reizigers is niet beperkt tot GVB. Ook bij reizen met NS, RET, HTM en andere vervoerders kunnen bijzondere aansprakelijkheidsregels gelden.

Bij letsel tijdens een treinreis kan bijvoorbeeld de vervoersovereenkomst en het toepasselijke spoorvervoerrecht een rol spelen. Bij bus- en tramvervoer wordt eveneens gekeken naar de relevante bepalingen uit Boek 8 BW.

Belangrijk is steeds of het letsel samenhangt met het vervoer en welke omstandigheden tot het ongeval hebben geleid.

Wat als u bij het instappen of uitstappen gewond raakt?

Niet alle ongevallen vinden plaats terwijl een bus of tram rijdt. Ook bij het instappen of uitstappen kunnen reizigers ten val komen of gewond raken.

Bijvoorbeeld wanneer een deur onverwacht sluit, een voertuig beweegt terwijl iemand nog uitstapt of een passagier ten val komt bij de overgang tussen het voertuig en de halte.

Of de vervoerder aansprakelijk is, hangt onder meer af van het verband met het vervoer en de oorzaak van het ongeval. Daarbij kan een andere beoordeling gelden dan wanneer iemand op een perron of bij een bushalte struikelt over een obstakel dat geen verband houdt met het vervoermiddel.

Kan eigen schuld invloed hebben op de schadevergoeding?

Ook het gedrag van de reiziger kan een rol spelen bij het bepalen van de aansprakelijkheid.

Wanneer iemand bijvoorbeeld bewust veiligheidsinstructies negeert of gevaarlijk gedrag vertoont, kan dit invloed hebben op het recht op schadevergoeding.

Dat betekent niet dat iedere fout van een passagier automatisch leidt tot het vervallen van de aansprakelijkheid van de vervoerder. Er moet worden onderzocht in hoeverre het gedrag daadwerkelijk heeft bijgedragen aan het ontstaan van de schade.

Hoe bewijst u letselschade na een ongeval in het openbaar vervoer?

Bij ongevallen in het openbaar vervoer kan bewijs lastig te verzamelen zijn. Andere reizigers stappen vaak uit en het voertuig vervolgt soms zijn route.

Daarom is het belangrijk om de omstandigheden zo snel mogelijk vast te leggen. Getuigenverklaringen, medische gegevens, meldingen bij de vervoerder en eventuele camerabeelden kunnen helpen om het ongeval te reconstrueren.

Ook de ontwikkeling van uw klachten is van belang. Laat lichamelijke klachten daarom medisch beoordelen en bewaar documenten waaruit blijkt welke gevolgen het ongeval heeft gehad.

Juridische hulp bij letselschade in het openbaar vervoer

Bij een ongeval met het openbaar vervoer kan onduidelijkheid ontstaan over de aansprakelijkheid en de omvang van de schade. De bijzondere wettelijke regels maken het belangrijk om niet uitsluitend af te gaan op de eerste reactie van de vervoerder of verzekeraar.

Sparta Legal helpt slachtoffers bij het beoordelen van aansprakelijkheid en het verhalen van letselschade. Daarbij wordt rekening gehouden met de omstandigheden van het ongeval, de toepasselijke wettelijke regels en de financiële gevolgen van het letsel.

Ook bij andere verkeersongevallen kan een passagier aanspraak maken op schadevergoeding. Meer informatie vindt u op onze pagina over letselschade na een ongeval als passagier.